Seeb
“Van ‘waar ligt Hulst?’ naar ‘wij gaan hier nooit meer weg”
Als je negen jaar geleden tegen mij had gezegd dat ik in 2024 een huis zou kopen in Zeeuws-Vlaanderen, had ik je waarschijnlijk heel hard uitgelachen.
Hulst? Waar ligt dat überhaupt? Maar goed, hier zijn we dan. Het is 2026, ik woon inmiddels twee jaar in deze prachtige stad, we hebben hier een huis volledig verbouwd en ondertussen is ook onze zoon geboren. Blijkbaar moest ik gewoon langzaam richting Zeeland worden gelokt.
Ik ben geboren en getogen als echte trotse Blauwvinger “Zwollenaar” en heb 25 jaar mogen genieten van die mooie stad. Zwolle was thuis. Familie, vrienden, werk: alles zat daar. Zeeland was voor mij vooral iets wat héél ver naar links op de kaart lag. Tot ik in 2018 mijn vriendin leerde kennen. Zij komt uit Hulst en toen we samen in Utrecht gingen wonen, begon daarmee onbewust mijn langzame reis richting Zeeuws-Vlaanderen. Iedere paar weken reden we naar Hulst om haar familie te bezoeken. Mijn eerste gedachte toen ik hier kwam? Is dit een dorp? Gelukkig volgden mijn tweede en derde gedachte vrij snel: knus en gezellig.
Hoe vaker we in Hulst kwamen, hoe leuker ik Zeeuws-Vlaanderen begon te vinden. De oude binnenstad, de straatjes, de terrassen en vooral dat mensen elkaar hier gewoon kennen. Langzaam begon het me zelfs een beetje aan Zwolle te doen denken.Een soort mini-Zwolle. Dat vond ik als Zwollenaar natuurlijk een enorm compliment. Maar er daadwerkelijk gaan wonen? Ho ho. Dat ging me nog iets te snel.
Na twee mooie jaren in Utrecht verhuisden we tijdens de coronaperiode naar Bergen op Zoom. Voor mij destijds een prima compromis: een stuk dichter bij Zeeland, maar technisch gezien nog nét niet Zeeland. Veilige afstand dus. We hebben vier fijne jaren in Bergen op Zoom gewoond. Ondertussen waren we zes jaar samen en begonnen we steeds meer na te denken over de toekomst. We wilden graag een gezin en dus kwam ook de vraag: waar willen we eigenlijk wonen?
Dus hup, huizen zoeken in Bergen op Zoom. Alleen voelde het niet goed. We kwamen er eigenlijk vrij snel achter dat we daar, buiten ons eigen leven samen, niet zoveel hadden. Familie woonde aan beide kanten minimaal een uur rijden verderop. En een uur klinkt helemaal niet zo erg… totdat je nadenkt over een baby en ineens beseft hoe lekker het eigenlijk is als een opa of oma gewoon in de buurt woont. En zo kwam Hulst weer in beeld. Ja. Die plek waarvan ik een paar jaar daarvoor nog dacht: leuk voor een weekend.
In 2024 begonnen we aan onze huizenjacht. We bekeken een aantal huizen, maar steeds was het nét niet. Tot we na ongeveer twee maanden een huis vonden in de Vogelbuurt. En natuurlijk gingen we vóór de bezichtiging alvast even door de wijk lopen. Puur onderzoek. Oké, en een beetje stiekem naar binnen gluren. Maar kom op, wie doet dat niet? Het huis lag aan een prachtig hofje, naast een speeltuintje. Een ruime twee-onder-een-kapwoning met een fijne tuin. Het stond leeg, dus we konden gelukkig snel gaan kijken. Er was alleen een klein detail. Er was zo'n vijftig jaar niets aan gedaan. Maar hé, ik ben designer. Dan noemen we dat gewoon veel creatieve vrijheid.
Wij konden er in ieder geval doorheen kijken en zes weken later hadden we de sleutel. Vanaf dat moment zijn we meteen gaan knallen. Slopen, verbouwen, keuzes maken, nog meer slopen en ons af en toe afvragen waar we eigenlijk aan begonnen waren. Uiteindelijk hebben we er echt ons eigen pareltje van gemaakt. En eerlijk is eerlijk: dat is ook een van de grote voordelen van hier wonen. De huizen zijn nog enigszins betaalbaar. We konden een ruime woning kopen én hadden nog de mogelijkheid om die helemaal naar onze eigen smaak te verbouwen.
Maar tijdens die verbouwing ontdekten we dat we er iets gratis bij hadden gekregen. Onze buren. We leerden de mensen in het hofje ontzettend snel kennen. Eerst een praatje hier, een helpende hand daar en voordat je het weet voelt het soms alsof je in een Nederlandse versie van een gezellige sitcom bent beland. Toen er een zonsverduistering was, stonden we bijvoorbeeld ineens met de buurt buiten omdat één buurvrouw toevallig drie eclipsbrilletjes had. Waarom heeft iemand drie eclipsbrilletjes? Geen idee. Maar op zo'n moment ben je er wel heel blij mee.
Als de containers zijn geleegd, zet onze buurvrouw die van ons regelmatig alvast terug op de oprit. Een andere buurman helpt graag in de tuin en maait gerust even het gras. Heb je een lege accu? Dan staat er zo iemand met startkabels naast je auto. Organiseer je een rommelmarkt, dan komt iedereen even buurten. En inmiddels blijft het niet eens meer bij de volwassenen. De buurjongen komt graag bij ons spelen en loopt regelmatig gezellig binnen. Zelfs onze katten zijn volledig ingeburgerd en hebben ondertussen ontdekt dat er in het hofje veel meer handen beschikbaar zijn om mee te kroelen dan alleen die van ons. Volgens mij zien ze de hele buurt inmiddels gewoon als hun territorium. En tijdens de verbouwing bleek dat je voor een lekkere avondmaaltijd hier zelfs zomaar een buurman een volledige dag aan het klussen kunt krijgen.
Dat zijn misschien allemaal kleine dingen, maar juist daardoor begon Hulst steeds meer als thuis te voelen. En hoe langer we hier wonen, hoe meer ik de voordelen ervan zie.
!
Alles is dichtbij. Er is bijna ieder weekend wel iets te doen. Je loopt of fietst zo de stad in. Onze zoon zit twee straten verderop op de kinderopvang en – houd je vast, mensen uit de Randstad – daar hoefden we niet drie jaar van tevoren voor op een wachtlijst.
Zijn oma woont in de buurt. Naast ons huis ligt een speeltuintje. De buren kennen hem. En als hij straks iets ouder is, kan hij hier heerlijk buiten opgroeien. Het voelt hier gewoon menselijk.
Ook voor mijn werk begon ik Zeeuws-Vlaanderen steeds anders te bekijken. Als freelance designer (thevisualthinker.nl) dacht ik in eerste instantie dat ik voor creatieve kansen vooral buiten de regio moest zoeken. Want ja… Zeeland. Wat gebeurt daar nou? Nou, behoorlijk veel dus. Er zitten hier ontzettend veel interessante bedrijven, organisaties en culturele initiatieven. Juist op het gebied van cultuur, creativiteit en ondernemerschap zit er veel meer potentie in Zeeland en Zeeuws-Vlaanderen dan ik van tevoren had verwacht. En misschien geldt dat wel voor de hele regio.
Voor veel mensen van buitenaf voelt Zeeland nog steeds als ver weg. Héél ver weg. Je hoort al snel woorden als rust, vergrijzing en “daar gebeurt toch niks?” Ik mag dat zeggen, want zo keek ik er zelf ooit ook een beetje naar. Maar ondertussen zie je steeds meer mensen terugkomen of juist deze kant op trekken. Voor de ruimte, de rust, betaalbaar wonen en de gezelligheid. Maar volgens mij vooral omdat er hier nog iets is wat op veel andere plekken steeds moeilijker te vinden is: mensen die naar elkaar omkijken.
Zeeuws-Vlaanderen voelt voor mij menselijk, liefdevol en zorgzaam. Oké, er zitten soms best wat stugge Zeeuwen tussen hoor. Maar ik heb inmiddels geleerd: die moet je gewoon even de tijd geven. Blijkbaar werkt dat hier zo. Eigenlijk net zoals bij mij en Hulst.
Want zonder mijn vriendin was ik hier waarschijnlijk nooit terechtgekomen. Eerst kwam ik mee op familiebezoek. Daarna gingen we iets dichter bij Zeeland wonen. Vervolgens nóg iets dichterbij. En voordat ik het wist had ik een klushuis en stond ik met mijn buren door drie gedeelde brilletjes naar een zonsverduistering te kijken.
En nu? Nu is hier onze zoon geboren. Woont zijn oma dichtbij. Kennen we onze buren. Hebben we ons eigen plekje opgebouwd en voelt Hulst niet meer als de stad waar mijn vriendin vandaan komt. Het is thuis.
Ik kwam naar Hulst voor de liefde. Maar stiekem werd ik ook verliefd op de stad, de mensen en de regio. En geloof me: als je me dat negen jaar geleden had verteld, had ik je nog steeds heel hard uitgelachen.